Ik werd 17 dagen lang vastgebonden aan een ijzeren stoel in het Changlinzi dwangarbeidskamp (foto)

26-04-2009 vervolging

Mijn naam is Lang Xianguo. Van 25 april 2005 tot 24 april 2008 werd ik vastgehouden in het Changlinzi dwangarbeidskamp in de stad Harbin in Heilongjiang. Tijdens die drie jaren van vervolging, werd ik in een kleine cel vastgebonden aan een ijzeren stoel. De cipiers gebruikten elektrische knuppels om me te schokken en om me te doen eten. Ze probeerden me te misleiden en te bedreigen. Ze martelden me ook door me van slaap te onthouden. Het volgende is mijn getuigenis over vastgebonden zijn aan een ijzeren stoel.

gevolgen van foltering en vastbinding op de ijzeren stoel, genomen op 18 november 2008, 7 maanden na vrijkoming uit het werkkamp.
Op 1 augustus 2006 gingen alle beoefenaars in het werkkamp in hongerstaking als verzet tegen de vervolging van de CCP (Chinese communistische partij). We stopten met eten en drinken en weigerden om te werken. Op de tweede augustus begonnen de cipiers met dwangvoeding. Ik probeerde zoveel ik kon om niet mee te werken en schreeuwde aan de andere beoefenaars om ook tegen te stribbelen. De ‘Vijfde Gevangenisdirecteur’, Zhao Shang, beval de andere cipiers om me vast te maken aan een metalen stoel in de kleine cel. Mijn handen en voeten werden vastgebonden en met ijzeren ringen vastgemaakt. Ze plakten mijn mond af met plakband om me stil te houden. Ze lieten me niet eens los om te gaan plassen. Zhao Shuang gebruikte elektrische knuppels om me te schokken. Hij schreeuwde als een wolf.  Het hele gebeuren was verschrikkelijk.

Door zo lang vastgebonden te zitten aan die stoel zonder te bewegen, zwollen mijn voeten, armen en benen. De metalen ringetjes sneden diep in mijn huid. Omdat we in een donker, vochtig en beschimmeld werkkamp werden vastgehouden, kregen we schurft. De plekken rond het schurft begonnen te rotten. Op de meest ernstige wonden ging de verrotting tot aan het bot. Het stonk echt vreselijk en het trok vliegen en muggen aan. Ik kon ’s nachts niet slapen en ook niet naar de badkamer gaan. Wanneer ze mij onder dwang voedden, bloedde mijn neus non-stop door de buis. Zhao Shuang en de plaatsvervangende directeur Qiang Shenguo vertelden aan het personeel om me niet te verzorgen. Ze mochten geen doosje geven wanneer ik moest plassen zodat ik mijn broek nat maakte. Op de vijfde nacht van de hongerstaking, om 10 uur ’s avonds, plaatsten Zhao Shuang en Quiang Senguo een plastic zak om het hoofd van een beoefenaar. Hij was ook aan een stoel gebonden. Ze stopten wanneer de beoefenaar bijna doodstikte. Ze gebruikten deze methode om ons te bedreigen. Ik was toen gebonden aan een ijzeren stoel voor vijf dagen op rij.

Op 29 oktober 2007 begon de ‘Vijfde Directeur’ met nog een ronde van opsluitingen om de beoefenaars die tegen de vervolging protesteerden aan te pakken. De cipiers namen enkele van onze Dafa lezingen af.  Ik ging op hongerstaking en weigerde te werken in het werkkamp om mij te verzetten tegen deze vervolging. Ik deed de oefeningen en riep uit: “Falun Dafa is goed!” Op 30 oktober 2007 na het ontbijt vroegen drie mannen Wang Kai, die Zhao Shuang’s gevangenisdirecteurschap overnam, vice-directeur Qiang Shenguo en politieke instructeur Yang Yu me of ik van plan was om door te gaan met de hongerstaking, de oefeningen en de weigering om te werken. Ik dacht niet na – ik antwoordde enkel ja. Op het bevel van Wang Kai vielen de cipiers Yang Yang, Lu Xemin en nog anderen me aan. Ze trokken, duwden en forceerden me opnieuw op een ijzeren stoel. Ik deed mijn best om tegen te werken en schreeuwde: “Falun Dafa is goed!” De andere beoefenaars hoorden mij en ze riepen samen met mij: “Falun Dafa is goed!”. Ons geroep klonk zo luid dat het in de hemel gehoord kon worden.

De cipiers waren doodsbang, dus gebruikten ze tape om mijn lippen te verzegelen. Dan maakten ze mij vast aan de ijzeren stoel met een touw. Ik kon niet van positie veranderen. Het was te moeilijk om te bewegen. Ik kon ook niet naar het toilet gaan. Dit gebeurde in de late herfst in noordoost China. Tijdens dit seizoen verandert de temperatuur dramatisch tussen de ochtend en de avond. De ijzeren stoel was bijzonder koud ‘s avonds. De cipier die de eenzame opsluitingscellen bewaakte, wist de waarheid over Falun Gong. Hij wist dat beoefenaars goede mensen zijn. Hij behandelde me heel goed, en hij gaf me in het geheim kleren en een deken om me warm te houden. Toen Qiang Shenguo erachter kwam, berispte hij de cipier en liet hem niet meer toe om voor me te zorgen. Qiang Shenguo verbood de cipier ook om iemand te vertellen dat hij het bevel had gegeven.

Deze methode van vervolging zorgde ervoor dat mijn beide benen opzwollen. De wonden werden erger voordat ze konden genezen. Mijn benen voelden verdoofd aan en ik kon niet wandelen. Iemand die langer dan twee weken aan een ijzeren stoel wordt gebonden, zou spieratrofie kunnen ontwikkelen en de weefsels in de spieren zouden uiteindelijk wegkwijnen. Dit is gebeurd met iemand voorheen. Deze keer werd ik gedurende 17 dagen aan die ijzeren stoel gebonden.

Dank u Meester om voor me te zorgen. Ik kon heel snel beter worden en bewegen. Tot op het moment dat ik het werkkamp verliet, op 24 april 2008, waren er nog steeds littekens en blauwe plekken op mijn benen. De foto hierboven is het bewijs dat ik fysiek werd gemarteld door de CCP. Deze foto werd genomen op 18 november, 2008. Hoewel er reeds een jaar verstreken was sinds het incident, heb ik nog steeds veel lettekens.

Door beoefenaar dhr. Lang Xianguo

Engelse versie: http://www.clearwisdom.net/emh/articles/2009/2/12/104749.html
Chinese versie: http://minghui.ca/mh/articles/2009/1/28/194369.html

ONDERNEEM ACTIE

In Focus

Voor meer informatie neem contact op met
het Falun Dafa Informatiecentrum

+31 (0)6-46767319 (Peter Houben)
of via het contact formular