Zhongnanhai - een dag om niet te vergeten

30-04-2008 Ooggetuigen

Op 25 april 1999 om 5 uur ‘s ochtends reden de veertienjarige Tian Tian en haar moeder op de fiets door de straten van Beijing op weg naar Zhongnanhai, het centrale hoofdkwartier van de Chinese Communistische Partij. Ze plaatsten hun fietsen op het nabijgelegen werk van Tian haar moeder en terwijl ze in de richting van het gebouwencomplex liepen, kwamen ze anderen tegen die in dezelfde richting liepen.

De andere personen waren net als Tian en haar moeder Falun Gong beoefenaars (ook gekend als Falun Dafa), een meditatiemethode gebaseerd op de principes van Waarachtigheid, Mededogen en Verdraagzaamheid.

Ze liepen naar het klachtenbureau van de Raad van Staten dat ook in het gebouwencomplex gelegen was om de regering te vragen 45 beoefenaars vrij te laten die geslagen en gearresteerd waren in Tianjin nadat ze uitgevers van een tijdschrift bezocht hadden waarvan ze dachten dat ze Falun Gong belasterd hadden. In de loop van de dag, kwamen er meer dan 10.000 Falun Gong beoefenaars van over het hele land met hen meedoen.

Zij waren er zich niet van bewust dat deze dag een dag zou worden die geschiedenis zou schrijven, een dag erkend door Falun Gong beoefenaars over de hele wereld als een herdenkingsdag omdat deze dag de dag was dat Falun Gong beoefenaars hun argeloosheid verloren.

Tian vertelde aan ‘The Epoch Times' krant van West-Australië (waar ze nu woont): "We volgen gewoon de principes Waarachtigheid, Mededogen, Verdraagzaamheid om een goed mens te zijn, dus wij geloofden dat dit \[deze arrestaties] gebeurde omdat de regering de waarheid niet kent en .... er misschien een misverstand was."

Tian heeft een aantal jaar in Australië gestudeerd. Haar moeder kwam enige tijd later naar het land als vluchtelinge nadat ze een jaar in opsluiting doorbracht in China vanwege het beoefenen van Falun Gong.

Harde democratie-activisten die nu buiten China wonen, zeggen dat beoefenaars naïef waren om te geloven dat de Chinese Communistische Partij zou luisteren naar hun bezwaren. Op dat moment vertelden beoefenaars dat ze niet konden begrijpen waarom de regering zich zou keren tegen een methode die publiekelijk erkend was dat het druk wegnam van het gezondheidssysteem en aanhangers had in alle lagen van de bevolking inclusief militaire en hooggeplaatste officiëren.

"Deze beoefenaars geloofden dat de regering er iets aan zou doen en het probleem zou oplossen," legde Tian uit.

Ze zei dat de straten rond Zhongnanhai waren gevuld met beoefenaars die rustig op het voetpad in rijen stonden.

"Ik herinner me dat we met heel veel mensen op straat samen waren, hoeveel er precies waren weet ik niet. Wij stonden aan het einde van de menigte en de mensen waren zeer vreedzaam en rustig."

Tian vertelde dat ze niet veel sprak met de andere beoefenaars en dat er ook weinig gesproken werd in de hele straat.

"We waren daar niet naartoe gegaan om te praten, we hadden slechts één gedachte. We hielden geen spandoeken omhoog, we wilden enkel de vrijlating van die beoefenaars en dat de regering ons zou verstaan. Iets anders wensen we niet," zei ze.

De politieagenten die in de straten patrouilleerden waren in het begin zeer nerveus, vertelde ze, maar al snel realiseerden ze zich dat er geen incidenten zouden zijn.

"In het begin waren de agenten zeer ernstig en alert. Ze leken te wachten op het begin van de rellen omdat ze totaal niet wisten wat er eigenlijk aan de hand was. Nadat ze merkten dat iedereen zeer rustig en vriendelijk bleef, begonnen ze heel ontspannen te praten met elkaar."

Tian vertelde dat de beoefenaars samengekomen waren om 3 redenen. In de eerste plaats vroegen ze de vrijlating van alle beoefenaars die volkomen illegaal waren gearresteerd. Ook ijverden ze voor een ongehinderde cultivatieomgeving voor Falun Gong beoefenaars en ze vroegen om de publicatie van Falun Gong boeken niet langer te verbieden.

Uiteindelijk ontving Premier Zhu Rongji drie beoefenaars nadat hij de menigte op straat had gezien en ging in op hun verzoek.
Op de Falun Dafa website Clearwisdom.net staat te lezen: "Premier Zhu Rongji gaf al snel het bevel aan de politie van Tianjin om de beoefenaars vrij te laten en hij herhaalde hierbij het standpunt van de regering dat geen inmenging voorziet in het beoefenen van qigong."

"Het incident van 25 april is een historisch unicum waarbij een crisis tussen de Chinese regering en de bevolking werd opgelost door op een vredige manier te communiceren met elkaar."

Jammer genoeg betaalde Premier Zhu een hoge prijs voor zijn begrip en hij werd uiteindelijk gedwongen om zich neer te leggen bij het rechtlijnige standpunt van Jiang Zemin over Falun Gong.

John Andress, woordvoerder voor Falun Dafa in Queensland, zei hierover: "Nadien bleek dat Zhu Rongji omwille van zijn aanpak openlijk werd bekritiseerd tijdens een door Jiang Zemin haastig bijeengeroepen hoorzitting voor het permanent comité van het Politbureau en nadien verscheen hij maandenlang niet meer in het openbaar.

Nadat de beoefenaars hoorden dat de Premier had ingestemd met hun vragen keerden ze snel terug naar huis. Eerst zorgden ze ervoor dat al het afval dat op straat lag, werd opgeruimd.

"Alles werd opgeruimd. Zelfs de sigarettenpeuken die de agenten hadden achtergelaten werden opgeraapt zodat de schoonmaakploeg nadien geen extra werk zou hebben.", Vertelde Tian.

Het deed haar plezier om te zien hoe alle beoefenaars zich zo goed gedroegen en hoe ze samen een overeenkomst hadden bereikt met de regering, maar tegelijkertijd zat ze ook met een ongemakkelijk gevoel.

"Na die dag is er veel veranderd en toen ik daar stond, voelde ik me een beetje bang. Het was de eerste keer dat ik openlijk opkwam voor mezelf ten aanzien van de regering."

"Toen we het goede nieuws vernamen, dacht ik dat alles wel goed zou komen. Ik bleef echter zitten met het onzekere gevoel dat er toch nog iets ergs zou kunnen gebeuren. Ik hoopte van niet maar het gebeurde toch..."

De toenmalige leider Jiang Zemin, die hoog aangeschreven stond bij de partij door zijn hardhandige aanpak van de studentenopstand en de massamoord op het Tiananmenplein, was allesbehalve tevreden met de populariteit van Falun Gong. Hij ergerde zich aan de erkenning die Premier Zhu had gekregen nadat hij de situatie op een vredige manier had opgelost. In een ideologische strijd, die sterk deed terugdenken aan de culturele revolutie, startte toenmalige

President Jiang Zemin een grootschalige landelijke campagne van belasteren en vervolging.

Tot nu toe zijn er officieel meer dan 3000 doden gevallen. Tienduizenden Falun Gong beoefenaars zijn gevangen genomen en brutaal gefolterd, van tienduizenden wordt vermoed dat ze vermoord zijn omwille van hun organen en vele anderen zijn vermist.

25 April is inderdaad een dag om nooit te vergeten...

Bron: http://en.epochtimes.com/news/8-4-22/69584.html

ONDERNEEM ACTIE

In Focus

Voor meer informatie neem contact op met
het Falun Dafa Informatiecentrum

+31 (0)6-46767319 (Peter Houben)
of via het contact formular